Volledige zuigelingen voeding
De keuze voor flesvoeding is een persoonlijke keuze, die vaak met veel aandacht, liefde en zorg wordt gemaakt.
Tijdens de zwangerschap worden jullie vanuit verschillende disciplines uitgenodigd om je te verdiepen in de mogelijkheden rondom het voeden van jullie baby. Misschien hebben jullie een borstvoedingscursus gevolgd, gesproken met de verloskundige of contact gehad met een borstvoedingscoach of lactatiekundige. Jullie hebben informatie verzameld, vragen gesteld, afgewogen en stilgestaan bij wat borstvoeding voor jullie zou kunnen betekenen.
Tegelijkertijd is het belangrijk om te erkennen dat borstvoeding geven niet voor iedereen mogelijk is. Soms zijn er medische, praktische of persoonlijke omstandigheden die ervoor zorgen dat borstvoeding niet lukt, niet haalbaar is of simpelweg niet goed voelt. En soms is flesvoeding vanaf het begin de bewuste keuze.
Welke weg jullie ook hebben bewandeld, uiteindelijk hebben jullie gekozen voor wat bij jullie past. Een keuze die met aandacht is gemaakt, vanuit liefde voor jullie baby en met de wens om op een fijne en passende manier voeding te geven.
Want liefde zit niet in de manier waarop je voedt.
Liefde zit in de aandacht, de nabijheid en de zorg waarmee je het doet.
Welke voeding kies je
Onthoud goed: elke volledige zuigelingenvoeding is een prima startpunt. Geef je kindje de tijd om aan de voeding te wennen. Het verteren van voeding is voor de darmen een nieuwe ervaring en vraagt om een aanpassingsperiode; het is dus volkomen normaal dat het even kan duren voordat je kindje gewend is aan de nieuwe voeding. Alles is nieuw voor de pasgeborene, inclusief het drinken uit de fles. Neem de tijd om dit leerproces samen met je pasgeborene aan te gaan.
Wanneer op de verpakking staat dat het om volledige zuigelingenvoeding gaat, is het een uitgebalanceerde voeding die je met een gerust hart kunt geven. Onderzoek toont aan dat elke zuigelingenvoeding op de markt in wezen gelijkwaardig is, vergelijkbaar met een pak melk. Als je melk koopt, is de basis hetzelfde, maar kies je voor een bepaalde merk of een specifieke afkomst. Zo kun je ook aandacht besteden aan de keuze die je maakt voor zuigelingenvoeding. Op deze manier selecteer je de voeding die het beste bij jou en je kindje past, met de zekerheid dat elke optie met het label 'zuigelingenvoeding' een complete voeding voor je kleintje is.
Welke fles kies je?
Een fles kiezen die past bij jullie baby
Een fles kiezen: met aandacht voor wat bij jullie baby past
De keuze van een fles voor je pasgeboren baby verdient aandacht, maar hoeft geen ingewikkelde zoektocht te zijn naar één ‘perfecte’ fles. Het belangrijkste is dat je baby veilig, rustig en comfortabel kan drinken. De juiste speen, een passende melkstroom, een fijne voedingshouding en responsief voeden zijn daarbij minstens zo belangrijk als het merk of model van de fles.
Iedere baby is anders. Het is daarom heel normaal als je even moet ontdekken wat goed werkt voor jullie. Kijk tijdens het drinken vooral naar de signalen van je baby. Drinkt je baby ontspannen, heeft hij of zij voldoende pauzes en lijkt het tempo prettig? Dan is dat een belangrijke aanwijzing dat de fles en speen goed aansluiten.
Ook wanneer het drinken niet vanzelf gaat, hoef je het niet alleen uit te zoeken. Bij vragen of problemen kan een deskundige, zoals een jeugdverpleegkundige, lactatiekundige of andere zorgprofessional, met jullie meekijken. Samen kun je zoeken naar een manier van voeden die prettig en veilig is.
Waar kun je op letten?
Bij het kiezen van een fles kunnen ouders onder andere kijken naar:
het materiaal van de fles;
de vorm en het gebruiksgemak;
de beschikbare maten;
de vorm en het materiaal van de speen;
de snelheid van de melkstroom;
of alle onderdelen goed te reinigen zijn;
of vervangende spenen gemakkelijk verkrijgbaar zijn;
en vooral: hoe je baby op de fles en speen reageert.
Het kan fijn zijn om eerst één of twee flessen te proberen, in plaats van meteen een groot aantal van hetzelfde type aan te schaffen. Zo krijgen jullie de ruimte om rustig te ontdekken wat bij jullie baby past.
Een goede fles is uiteindelijk niet per se de meest bekende of duurste fles. Het is de fles waarmee jullie baby veilig en ontspannen kan drinken en die voor jullie als ouder prettig en praktisch is.
Zo wordt een fles meer dan alleen een hulpmiddel om voeding te geven. Het kan ook een rustig moment van nabijheid, oogcontact en verbinding zijn. Juist in die kleine momenten van samen zijn, groeit het vertrouwen tussen ouder en kind.
Een kleine boodschap van je pasgeborene
Ik ben nog zo klein en alles om mij heen is nieuw. Ik moet nog leren hoe de wereld voelt, ruikt en klinkt. Ook drinken uit een flesje is iets wat ik nog moet ontdekken.
Houd me dicht bij je, geef me warmte en laat me voelen dat ik veilig ben. Kijk naar mij, luister naar mijn kleine signalen en neem de tijd. Soms lukt het drinken meteen, soms heb ik wat langer nodig. Dat betekent niet dat ik het niet kan. Ik heb gewoon jouw liefde, zorg, rust en geduld nodig.
Als ik even stop, wegkijk of onrustig word, geef me dan een moment. Ik hoef niet te haasten. Laat me op mijn eigen tempo wennen aan de speen en aan het drinken uit de fles. Jouw rustige stem, zachte aanraking en liefdevolle aanwezigheid helpen mij om vertrouwen te krijgen.
Ik ben nog maar net begonnen aan mijn leven. Ik hoef niet alles meteen te kunnen. Geef me de tijd om te leren, de ruimte om te ontdekken en vooral het gevoel dat je bij me blijft, wat er ook gebeurt.
Met jouw liefdevolle zorg, geduld en nabijheid leer ik stap voor stap. Samen maken we van dit nieuwe moment iets zachts, veiligs en vertrouwds. ❤️
Welke fles kies je?
Een fles kiezen die past bij jullie baby
Een fles kiezen: met aandacht voor wat bij jullie baby past
De keuze van een fles voor je pasgeboren baby verdient aandacht, maar hoeft geen ingewikkelde zoektocht te zijn naar één ‘perfecte’ fles. Het belangrijkste is dat je baby veilig, rustig en comfortabel kan drinken. De juiste speen, een passende melkstroom, een fijne voedingshouding en responsief voeden zijn daarbij minstens zo belangrijk als het merk of model van de fles.
Iedere baby is anders. Het is daarom heel normaal als je even moet ontdekken wat goed werkt voor jullie. Kijk tijdens het drinken vooral naar de signalen van je baby. Drinkt je baby ontspannen, heeft hij of zij voldoende pauzes en lijkt het tempo prettig? Dan is dat een belangrijke aanwijzing dat de fles en speen goed aansluiten.
Ook wanneer het drinken niet vanzelf gaat, hoef je het niet alleen uit te zoeken. Bij vragen of problemen kan een deskundige, zoals een jeugdverpleegkundige, lactatiekundige of andere zorgprofessional, met jullie meekijken. Samen kun je zoeken naar een manier van voeden die prettig en veilig is.
Waar kun je op letten?
Bij het kiezen van een fles kunnen ouders onder andere kijken naar:
het materiaal van de fles;
de vorm en het gebruiksgemak;
de beschikbare maten;
de vorm en het materiaal van de speen;
de snelheid van de melkstroom;
of alle onderdelen goed te reinigen zijn;
of vervangende spenen gemakkelijk verkrijgbaar zijn;
en vooral: hoe je baby op de fles en speen reageert.
Het kan fijn zijn om eerst één of twee flessen te proberen, in plaats van meteen een groot aantal van hetzelfde type aan te schaffen. Zo krijgen jullie de ruimte om rustig te ontdekken wat bij jullie baby past.
Een goede fles is uiteindelijk niet per se de meest bekende of duurste fles. Het is de fles waarmee jullie baby veilig en ontspannen kan drinken en die voor jullie als ouder prettig en praktisch is.
Zo wordt een fles meer dan alleen een hulpmiddel om voeding te geven. Het kan ook een rustig moment van nabijheid, oogcontact en verbinding zijn. Juist in die kleine momenten van samen zijn, groeit het vertrouwen tussen ouder en kind.
Hoe maak je zuigelingen voeding klaar
- Was eerst je handen met water en zeep en zorg dat het werkblad schoon is.
- Gebruik een schone fles en speen. Controleer of alle onderdelen goed schoon zijn.
- Leg de fles, speen, dop en het maatschepje op een schoon oppervlak of op een schone doek. Probeer de binnenkant van de fles en speen zo min mogelijk aan te raken. Zo blijft alles zo schoon mogelijk voor je baby.
- Voor dag 1 na de geboorte geldt meestal: 1 afgestreken schepje poeder op 30 cc water, tenzij kraamzorg, verloskundige of de verpakking iets anders aangeeft.
- Doe eerst de juiste hoeveelheid koud kraanwater of afgekoeld gekookt water in de fles. Gebruik afgekoeld gekookt water wanneer dit is afgesproken met de kraamzorg of verloskundige, wanneer de verpakking dit aangeeft of wanneer je twijfelt over de kwaliteit van het kraanwater.
- Verwarm het water in de fles tot lauwwarm. Dit kan met een flessenwarmer of door de fles in een bakje of maatbeker met warm water te zetten. Zwenk de fles tussendoor voorzichtig, zodat de warmte goed verdeeld wordt. Verwarm de voeding niet te heet en laat de fles niet onnodig lang in warm water staan.
- Gebruik van de magnetron is in het kraambed niet gewenst. Verwarm het water of de fles daarom liever met een flessenwarmer of door de fles in een bakje of maatbeker met warm water te zetten.
- Voeg daarna het juiste aantal afgestreken schepjes poeder toe met het maatschepje uit de verpakking.
- Gebruik geen extra schepje en laat ook geen schepjes weg; dan klopt de verhouding tussen water en poeder niet.
- Roer de voeding rustig door, of zwenk de fles voorzichtig, totdat het poeder volledig is opgelost. Probeer luchtbellen zoveel mogelijk te voorkomen.
- Controleer altijd de temperatuur door een paar druppels op de binnenkant van je pols te laten vallen. De melk hoort lauwwarm aan te voelen, niet heet.
- Geef de fles bij voorkeur direct na het klaarmaken.
- Laat je baby niet langer dan een half uur over de fles doen.
- Gooi voeding die overblijft weg. Bewaar geen restjes voor later.
- Spoel de fles en speen na de voeding meteen om met koud water. Zo voorkom je dat melkresten blijven zitten.
- Was daarna alle onderdelen rustig af met warm water en afwasmiddel, of volg de afspraken die je met de kraamzorg hebt gemaakt.
- Spoel alles goed na en laat de onderdelen drogen op een schone doek of een droogrek.
- Leg er daarna een schone doek overheen, of bewaar het materiaal afgedekt in een schone bak tot de volgende voeding.
- Bereid de voeding bij voorkeur vlak voor het geven.
- Controleer de temperatuur van de voeding voordat je de fles aanbiedt, bijvoorbeeld door een paar druppels op de binnenkant van je pols te laten vallen. De voeding hoort lauw aan te voelen en niet heet.
- Gooi voeding die je baby niet opdrinkt weg. Bewaar geen restjes voor later, omdat er tijdens het drinken bacteriën in de fles kunnen komen.
- Spoel de fles en speen na gebruik om en maak ze goed schoon volgens de gebruikelijke hygiëneafspraken.
Flesvoeding de eerste 24 uur
De eerste 24 uur flesvoeding:
In de eerste 24 uur heeft je baby meestal nog maar kleine hoeveelheden voeding nodig. De maag is nog klein en je baby moet wennen aan drinken, slikken en verteren buiten de baarmoeder.
Bied de fles rustig aan bij vroege voedingssignalen, zoals wakker worden, zoeken, smakken, sabbelen op de handjes of onrustig bewegen. Huilen is vaak een laat voedingssignaal.
Neem je baby dicht tegen je aan en zorg voor een rustige houding. Houd je baby iets rechterop, met het hoofdje goed ondersteund en de kin vrij van de borst, zodat drinken en ademen gemakkelijk gaan.
Laat je baby in een rustig tempo drinken. Houd de fles zo dat de speen gevuld is met melk, maar geef je baby ook korte pauzes als hij of zij loslaat, wegkijkt, melk uit de mond laat lopen of onrustig wordt. Zo krijgt je baby de tijd om te slikken, adem te halen en verzadiging aan te geven.
Het is normaal dat je baby in het begin kleine beetjes drinkt of soms wat voeding teruggeeft. Laat je baby tussendoor en na de voeding rustig boeren, vooral als hij of zij onrustig wordt, veel lucht lijkt te happen of de voeding moeilijk wegdrinkt.
Leg tijdens het voeden gerust een hydrofiele doek binnen handbereik. Die komt van pas als je baby wat melk teruggeeft, als er melk langs het mondje loopt of als je tussendoor even wilt deppen. Ook na het drinken is de doek handig wanneer je je baby laat boeren of nog even rechtop tegen je aan houdt. Zo kun je kleine beetjes melk makkelijk opvangen en blijft het voeden rustig en comfortabel.
Neem contact op met de verloskundige of kraamzorg als je baby niet wakker te krijgen is voor een voeding, niet wil drinken, steeds verslikt, benauwd lijkt, suf blijft, een afwijkende kleur krijgt, herhaald krachtig spuugt of als jij je zorgen maakt.
Het reinigen van de flessen en spenen
Volgens de huidige landelijke richtlijnen voor kraamzorg is het belangrijk om fles, speen, ring en dop na iedere voeding goed te reinigen. Het KCKZ geeft aan dat de landelijke protocollen inmiddels in de vernieuwde protocollenomgeving staan.
Stapsgewijs reinigen van een babyfles;
- Was je handen
- Was je handen zorgvuldig voordat je de fles gaat reinigen.
- Zorg dat het aanrecht en de gebruikte materialen schoon zijn.
- Haal de fles uit elkaar.
- Draai de fles uit elkaar.
- Haal de speen uit de ring en verwijder de dop.
- Alle onderdelen moeten afzonderlijk worden gereinigd.
- Spoel direct na de voeding
- Spoel de fles en speen direct na gebruik om met koud water.
- Hiermee worden melk- en voedingsresten verwijderd en wordt bacteriegroei zoveel mogelijk beperkt.
- Reinig de onderdelen
- Was de fles, speen, ring en dop in heet water met afwasmiddel.
- Gebruik hiervoor een speciale schone flessenborstel om ook de binnenkant en moeilijk bereikbare plaatsen goed schoon te maken.
- Als alternatief kunnen de onderdelen in de vaatwasser worden gewassen volgens de voorschriften van de fabrikant.
- De actuele adviezen van het Voedingscentrum noemen hiervoor een volledig programma.
- Spoel goed na
- Spoel de fles en speen zorgvuldig af met schoon/warm stromend water.
- Er mogen geen resten van afwasmiddel achterblijven.
- Laat alles drogen
- Zet fles, speen, ring en dop ondersteboven op een schone, droge doek.
- Laat de onderdelen aan de lucht drogen.
- Droog de binnenkant niet af met een theedoek, omdat daarmee opnieuw bacteriën kunnen worden ingebracht.
- Berg de schone fles op
- Bewaar de volledig droge onderdelen op een schone en droge plaats.
- Houd schone en gebruikte flessen van elkaar gescheiden.
- Belangrijk voor de kraamzorg
Een ouder protocol kan nog aangeven dat flessen in de eerste maanden regelmatig moeten worden uitgekookt. Dat advies staat bijvoorbeeld in oudere RIVM-documentatie.
De huidige adviezen van het Voedingscentrum geven echter aan dat een gezonde baby een fles niet standaard hoeft te worden gesteriliseerd: goed reinigen in heet sop of de vaatwasser is voldoende. Volg daarnaast altijd de onderhoudsinstructies van de fabrikant.
De stappen dus samenvatten als: handen wassen → fles demonteren → direct koud omspoelen → reinigen met heet water, afwasmiddel en flessenborstel → goed naspoelen → ondersteboven aan de lucht laten drogen → schoon en droog bewaren.
Vingervoeden wanneer borstvoeding of flesvoeding nog even niet lukt
Vingervoeden (finger feeding) bij een pasgeborene, is een techniek waarbij een baby melk krijgt via een dun voedingsslangetje of een spuitje met een zacht tuutje die je op je vinger kunt leggen, dat langs een schone vinger loopt. Het wordt soms gebruikt als een baby tijdelijk moeite heeft met drinken aan de borst of uit een fles. Het is verstandig dit alleen te doen na uitleg van een verloskundige, kraamverzorgende of lactatiekundige.
In grote lijnen gaat het zo:
- Was je handen grondig.
- Bevestig een dun voedingsslangetje of een flexibele spuit aan een spuit of voedingsreservoir met afgekolfde moedermelk of kunstvoeding.
- Leg het slangetje langs je schone wijsvinger, met het uiteinde net voorbij je vingertop.
- Houd de baby rechtop of licht achterover ondersteund.
- Laat de baby op je vinger zuigen (met de zachte kant van je vinger naar boven, tegen het gehemelte).
- Terwijl de baby goed zuigt, stroomt de melk via het slangetje. De baby bepaalt idealiter het tempo door zelf te zuigen.
Let op:
- Duw de melk niet snel naar binnen; de baby moet de voeding zelf kunnen coördineren.
- Stop als de baby zich verslikt, blauw wordt, benauwd lijkt of niet goed kan slikken.
- Reinig alle materialen volgens de instructies.



